De gemeenteraad van Lansingerland heeft ingestemd met de aanbevelingen uit het Rekenkamerrapport “Zicht op Wmo-ondersteuning”. Daarmee krijgt het college de opdracht om zelf het zicht te houden op de kwaliteit van Wmo-ondersteuning en dit te verbeteren.
Tijdens het debat ging het vooral over aanbeveling 1a: het proactief ophalen van signalen bij inwoners die Wmo-ondersteuning ontvangen. Namens Leefbaar 3B benadrukte raadslid Léon Erwich dat de verantwoordelijkheid voor kwaliteit nadrukkelijk bij de gemeente zelf ligt.
Volgens artikel 2.1.1 van de Wmo is de gemeente verantwoordelijk voor de kwaliteit van ondersteuning. Die verantwoordelijkheid kun je niet bij zorgaanbieders neerleggen. Aanbieders moeten hun werk sowieso goed doen, maar als gemeente moeten we zelf horen hoe het echt gaat met onze inwoners.
In het debat werd door een partij voorgesteld om het ophalen van signalen vooral bij zorgaanbieders te leggen. Voor Leefbaar 3B een onbegrijpelijk voorstel en plaatste daar een duidelijke kanttekeningen bij. Juist omdat het vaak gaat om kwetsbare inwoners die afhankelijk zijn van ondersteuning.
De motie om aanbeveling 1a anders uit te voeren werd uiteindelijk ingetrokken. De raad koos ervoor de aanbevelingen van de Rekenkamer volledig over te nemen. Vertrouwen in aanbieders is prima. Maar de gemeente moet wel haar eigen ogen en oren openhouden. Kwetsbare inwoners mogen nooit afhankelijk zijn van degene die ook hun zorg levert.
Een Rekenkamerrapport is voor ons geen leesstuk, maar een opdracht tot verbetering. Niet omdat het moet van de Rekenkamer, maar omdat het hoort bij goed bestuur.
Leefbaar 3B zal de uitvoering van de aanbevelingen de komende tijd blijven volgen.
Geef als eerste een reactie